Archeologie

Direct naar de volgende onderwerpen:

Beleidsvorming archeologisch erfgoed
Monumentenvoorraad
Effectiviteit archeologiebeleid
Selectie van uitvoerende bedrijven
Draagvlak archeologiebeleid
Toetsing en archeologisch onderzoek
Kwaliteit en kwaliteitsrichtlijnen
Voldoende tijd voor archeologiezorg?
Communicatie naar het publiek?
Bekendheid bij burgers van de nieuwe regelgeving
Update Archeologische Beleidskaart
Gemeentelijke beleidskaarten in de praktijk

Beleidsvorming archeologisch erfgoed

Worden uitkomsten van archeologisch onderzoek verwerkt in de Archeologische Beleidskaart? Wanneer is deze vastgesteld en wanneer is een update gepland?
Op Urk wordt in 2011 de archeologische beleidskaart vastgesteld; de evaluatie vindt vijf jaar daarna plaats. Het beleid van Dronten is vastgesteld in 2009. Er is nog geen update gepland, maar nieuwe uitkomsten zullen daar zeker in worden opgenomen. Datzelfde geldt voor de Noordoostpolder. In Almere is de update onderdeel van het werkproces. Op dit moment heeft Zeewolde de Beleidskaart nog niet herzien, maar dit zal bij een update van het archeologiebeleid wel geschieden. 

Monumentenvoorraad

Houdt de gemeente zich bezig met de aanwijzing van gemeentelijke monumenten?
In geen van de gemeenten is op dit moment, voor zover bekend, sprake van het aanwijzen van gemeentelijke monumenten. Informeel is in Dronten wel gesproken over aanwijzing van het Rivierduingebied. In Zeewolde is een nieuwe Nota kunst en Cultuur in voorbereiding. De vraag daar is of er ook aandacht aan erfgoed onder de grond zal worden besteed. 

Effectiviteit archeologiebeleid

Worden vindplaatsen beschermd die dat verdienen en vindt geen onnodig behoud plaats?
Voor de gemeenten Noordoostpolder, Dronten, Lelystad en Zeewolde geldt dat in gebieden met een hoge verwachting vooronderzoek niet tot vervolgonderzoek leidt. Er worden geen of zeer weinig archeologische resten aangetroffen en de gebieden worden op grond daarvan vrijgegeven. Het vooronderzoek wordt beoordeeld als niet effectief en dus onnodig. Twee mogelijk oorzaken hiervoor zijn dat de wijze van bemonsteren - zes boringen per hectare - te extensief is om archeologische vindplaatsen op te sporen (in Flevoland met vaak diepliggende archeologie) of dat de verwachtingskaarten niet betrouwbaar of te onnauwkeurig zijn.

Vanuit de gemeente Almere kwam een geheel ander geluid. Geredeneerd vanuit de beleidsdoelstelling wordt de juridische verankering in het bestemmingsplan en de verordening wel effectief gevonden. In de praktijk is het lastig de gemeente als initiatiefnemer te houden aan de al als minimaal geformuleerde doelstelling. In de uitvoering van het beleid zijn nog verbeteringen mogelijk en nodig. Er is dus geen sprake van onnodig behoud, eerder het omgekeerde. En op Urk lijkt het beleid effectief: op basis van vooronderzoek, bureau- en booronderzoek, vindt besluitvorming plaats over de vraag of archeologie moet worden ingepast of opgegraven.

Selectie van uitvoerende bedrijven

Hoe vindt selectie van uitvoerende bedrijven plaats en is er voldoende grip op resultaten van onderzoek?
Gaat het om een andere initiatiefnemer dan de gemeente, dan bepaalt die welk bedrijf het onderzoek uitvoert, waarbij het bedrijf natuurlijk KNA gecertificeerd moet zijn. Als de gemeente initiatiefnemer is, wordt de keuze voor een bepaald bedrijf door de gemeente zelf gemaakt. Lelystad consulteert daarvoor het Steunpunt, Almere besluit op basis van offerte, eventuele inhoudelijke verschillen of het tijdsbeslag, en in Noordoostpolder worden drie offertes gevraagd van bedrijven die uit een bestaande lijst worden geselecteerd. 

Draagvlak archeologiebeleid

Is er voldoende draagvlak voor de archeologie bij de bestuurders?
Met het draagvlak voor archeologie is het bij bestuurders over het algemeen bedroevend gesteld. Ze zijn zich wel bewust van de geschiedenis van de eigen gemeente, maar als gevolg van het feit dat archeologie in de meeste gevallen onzichtbaar is, ontbreekt het aan ambitie om hiervoor apart beleid te formuleren. Vaak is de houding: 'het is wettelijk verplicht, dus voeren we het beleid zo uit'. Van bijzondere betrokkenheid bij de archeologie is weinig sprake of het moet gaan om het vergroten van het publieksbereik voor de archeologie. Almere zet zich bijzonder in voor één aspect van de nieuwe Maltawetgeving, namelijk het beleefbaar maken van archeologie en het inrichten van vindplaatsen. Voor Flevoland als geheel geldt dat Nieuw Land zich als provinciaal museum + archief + studiecentrum onder meer profileert met de onderwerpen Swifterbantcultuur, scheepsarcheologie en Zuiderzeeproject en de gemeente Lelystad draagt bij aan de International Fieldschool for Maritime Archaeology Flevoland die eveneens is ondergebracht bij Nieuw Land. 

Toetsing en archeologisch onderzoek

Beschikt de gemeente over een inhoudelijk toetsingskader voor beoordeling van archeologische rapportages?
De meeste gemeenten beschikken niet over een toetsingskader, maar maken voor de beoordeling van archeologische rapportages gebruik van het Steunpunt. De gemeente Noordoostpolder gebruikt daarnaast de eigen beleidskaart en beslisboom archeologie om vast te stellen of archeologische indicatoren aanwezig zijn. Urk laat toetsing door de provincie uitvoeren. Almere is de enige gemeente die wel een toetsingskader heeft. Deze is gebaseerd op een PvE dat is gebaseerd op de KNA.

Bent u op de hoogte van de handreikingen van de SIKB voor overheid en opdrachtgevers en gebruikt u deze bij het uitzetten van archeologisch onderzoek en toetsing van archeologische rapportages?
Door de gemeente Zeewolde wordt de Handreiking Juridisch kader voor niet-archeologen gebruikt voor het archeologiebestendig maken van bestemmingsplannen. Lelystad is ervan op de hoogte maar maakt er geen gebruik van. Almere gebruikt de handleidingen en vertaalt deze in samenspraak met de opdrachtgever. De gemeenten Urk, Dronten en Noordoostpolder zijn niet op de hoogte van het bestaan van handreikingen van het SIKB. Noordoostpolder heeft een eigen handreiking. 

Kwaliteit en kwaliteitsrichtlijnen

Beschikt de gemeente over kwaliteitsrichtlijnen voor archeologisch onderzoek?
Zeewolde, Almere en de Noordoostpolder hebben een PvA voor booronderzoek, voor het overige moeten bedrijven voldoen aan de KNA. Lelystad en Urk hebben geen apart PvA voor booronderzoek; Lelystad verwijst naar de KNA, Urk naar de provincie. Dronten heeft wel richtlijnen, maar maakt er geen gebruik van. Een check vindt plaats door het Steunpunt. 

Hoe bewaakt de gemeente de kwaliteit van het archeologisch (voor-)onderzoek?
De gemeenten Zeewolde, Dronten, Noordoostpolder en Lelystad regelen dat via het Steunpunt. De gemeente Lelystad maakt daarnaast gebruik van de diensten van de provincie, Urk valt terug op de KNA en de provincie, terwijl de Noordoostpolder ook de eigen beleidskaart gebruikt. De gemeente Almere bewaakt de kwaliteit door selectie van de opdrachtnemer en formulering van de opdracht, alsmede de controle van de waardestelling en de determinatiedata. 

Voldoende tijd voor archeologiezorg?

In Zeewolde staat er ongeveer vijftig uur per jaar ter beschikking en archeologie maakt onderdeel uit van het maken van bestemmingsplannen. Dit wordt voldoende geacht gezien de ondersteunende rol die het Steunpunt vervult. Ook Lelystad en Urk vinden dat er voldoende capaciteit beschikbaar is. Almere heeft te weinig capaciteit; de oplossing ligt in het inhuren van externe bureaus. In Dronten staan formeel geen fte´s voor archeologie ter beschikking, de bestuurslasten compensatie archeologie verdwijnt in de grote pot. Ook in de Noordoostpolder staan geen aparte fte´s ter beschikking.

Communicatie naar het publiek

In de gemeenten Zeewolde en Noordoostpolder is de communicatie van archeologie naar het publiek niet echt ontwikkeld. Er is ook geen budget voor. In Lelystad wordt beperkt wat gedaan aan het zichtbaar maken van archeologie. Ook Urk toont zich actief: via informatiepanelen, open dagen en exposities probeert de gemeente de aandacht op de archeologie te vestigen. In Dronten wordt in beperkte mate aan communicatie van archeologie naar het publiek gedaan: er worden berichten op de website geplaatst en city marketing is geïnteresseerd in het gebruik van het onderwerp archeologie om de gemeente mee te promoten.

De meest actieve gemeente op het gebied van vergroting van het publieksbereik voor de archeologie is Almere. Raad en College hebben besloten tot versterking van het programma publieksbereik. Dit vormt een integraal onderdeel van het archeologiebeleid. Voorbeelden van publieksactiviteiten zijn het gebruik van leskoffers, scholen die vindplaatsen adopteren, het plaatsen van kunstwerken bij zes scheepswrakken, het organiseren van een jaarlijkse archeologiedag, een educatieve opgraving, de publicatie van folders en publicaties voor het brede publiek. Enquêtes wijzen uit dat 87% van de inwoners van Almere vinden dat vindplaatsen herkenbaar aanwezig moeten zijn omdat het de stad leuker maakt. Investeren in publieksbereik loont dus! 

Bekendheid bij burgers van de nieuwe regelgeving (gemeente als bevoegd gezag)

In Zeewolde, Lelystad, Almere, Dronten en Noordoostpolder is aan de wettelijke verplichting van publicatie van nieuwe regelgeving voldaan. Je kunt je afvragen of dat voldoende is. De suggestie van het Steunpunt om in heel Flevoland de aandacht van bewoners hiervoor te vragen wordt ondersteund, bijvoorbeeld via huis-aan-huis-bladen en LTO-Nederland. Wanneer in Almere een omgevingsvergunning wordt aangevraagd, wordt automatisch bericht verstuurd dat een archeologievergunning nodig is. In de dorpskern van Urk is de omgevingsvergunning van kracht en dat is genoegzaam bekend. Of bewoners van het buitengebied voldoende op de hoogte zijn, is de vraag. In Dronten en Noordoostpolder komen bewoners via het bestemmingsplan met het archeologiebeleid in aanraking. Ook het bestemmingsplan buitengebied wordt daar op aangepast. 

Uitkomsten van archeologisch onderzoek worden verwerkt in de Archeologische Beleidskaart. Wanneer is deze vastgesteld en wanneer is de update gepland?

De gemeenten Noordoostpolder, Dronten, Lelystad en Zeewolde hebben een gemeentelijke beleidskaart. Voor de gemeente Urk is een dergelijke beleidskaart in de maak. Vaststelling vindt plaats in 2011 en de evaluatie zal vijf jaar daarna plaatsvinden. De kaarten hebben grotendeels een overeenkomstige onderbouwing. Het Lelystadse beleid kent geen expliciete onderbouwing, impliciet kan worden geconcludeerd dat de IKAW, de provinciale beleidskaart en ARCHIS als basis hebben gediend voor de beleidskaart. In Lelystad vindt de herziening van deze kaart in 2013 plaats. De beleidskaart van de gemeente Almere is op een geheel andere wijze tot stand gekomen. Landschappelijke eenheden vormen de basis voor zogenaamde selectiegebieden. De selectiegebieden zijn gebaseerd op uitgevoerd booronderzoek. Een representatieve steekproef uit deze gebieden komt voor bescherming in aanmerking. 

Gebruik gemeentelijke beleidskaarten in de praktijk

Uit de interviews met de ambtenaren blijkt dat de voorspellende waarde van de archeologische waarden- en verwachtingenkaart gering is. Zo heeft booronderzoek in de gemeenten Noordoostpolder, Dronten, Lelystad en Zeewolde op terreinen met een hoge archeologische verwachting, nog niet geleid tot vervolgonderzoek. Dit kan twee dingen betekenen:

1)  de gevolgde methode voldoet (in Flevoland) niet om archeologische vindplaatsen op te sporen;
2)  de beleidskaarten hebben een geringe voorspellende waarde.

De gemeente Almere laat onderzoek uitvoeren naar de effectiviteit van het Inventariserend Veldonderzoek door middel van boringen om prehistorische (diepgelegen) vindplaatsen op te sporen. Dit onderzoek wordt gefinancierd met een eenmalige subsidie van € 240.000,- door het ministerie van OCW aan de provincie Flevoland in het kader van het Cultuurconvenant 2004-2008. De convenantsgelden worden voornamelijk ingezet voor de uitvoering van archeologische monumentenzorg in de gemeente Almere.

Steunpunt Archeologie en jonge Monumenten Flevoland